De
drie echte hoofdoorzaken van hoofdpijn
Nee,
geen hormonen, geen familiekwaal, geen chocolade, varkensvlees, of te
veel of te weinig koffie. Het zijn wel triggers die hoofdpijn versterken
en/of provoceren.
De echte oorzaak is emotionele stress.
Als onze gevoelshersenen in kwantiteit of kwaliteit teveel geprikkeld
worden, ontladen ze zich door hoofdpijn. Dat is een proces dat zich
in het onderbewuste afspeelt. Pas als de hoofdpijn optreedt, zijn
we ons bewust van de pijn. Het boek 'Nooit meer hoofdpijn' verklaart
welke processen in dat onderbewuste plaatsvinden en hoe we dat kunnen
herkennen en onderkennen.
Er
zijn drie karakteristieken waar bijna iedere hoofdpijn c.q. migrainepatiënt
aan voldoet. Het kan om één van de drie in expliciete
mate gaan, maar het kan ook een samenspel
van alle drie zijn. Deze drie aspecten hebben meestal ook in meer
of mindere mate met elkaar te maken.
1. Conflict
De eerste oorzaak van hoofdpijn is een conflict tussen het weetgevoel
en oneigenlijke gevoelens. Dat conflict leidt tot oneigenlijke
gedachten en daardoor ook tot oneigenlijk gedrag. Oneigenlijke
gevoelens zijn gevoelens die ons eigen zijn, maar die niet
uit ons zuivere gevoel komen. Gevoelens die niet echt, niet realistisch
zijn. We hebben ze omdat ze ons door anderen of door
onszelf zijn aangepraat of aangeleerd, meestal in een periode in
ons leven waarin ze nog nuttig, noodzakelijk of nodig waren.
*lees meer in het boek
2. Ergernis
De tweede oorzaak die bijna altijd bij hoofdpijn meespeelt, is ergernis
of zusjes daarvan: irritatie, boosheid, verdriet, teleurstelling,
frustratie. Die ergernis lijkt vaak extern, dat wil zeggen op de ander
gericht, maar bij nader inzien is die vaak veel meer intern, op mijzelf
gericht, omdat ik zelf een belangrijk aandeel heb in de ergernis
naar de ander. Anders gezegd: als ik mij erger aan de ander, en
ik uit dat niet in woord of daad, ga ik mij aan mijzelf ergeren omdat
ik het erbij laat zitten.
*lees meer in het boek
3. Schikken en
slikken
De derde oorzaak van hoofdpijn, is dat de hoofdpijnmensen vaak
te veel gericht zijn op de ander. De ander is primair, ikzelf ben
secundair. Het belang van de ander is voortdurend groter dan het
mijne. Dat op de ander gericht zijn kan op twee manieren:
Actief
Ik maak het de ander in mijn gedrag voortdurend naar de zin.
Ik schenk de ander hulp, aandacht, ben er steeds om de ander te
helpen, neem de ander werk uit handen en besteed vanuit mijzelf
steeds energie aan anderen.
Passief
Ik schik mij, pas mij aan, houd rekening met de ander, heb geen
kritiek en geef geen weerwoord, terwijl ik het eigenlijk oneens
ben met het gedrag van de ander. Ik slik dus voortdurend.
Er kan ook sprake zijn van een combinatie van actief en passief
schikken
*lees meer in het boek